Omdat ik weet dat ik niet mijn eigen heer ben, breng ik mijn hart als een offer aan de Here
Calvijn

Datum:
Schriftgedeelte:
1Tessalonicenzen 1:8-8:10; Deuteronomium 5:23-5:25
Serie:
Spreker:
Hits:
1861
Toelichting:
1 Thessalonicenzen 1:8-10
8) Want van u is het Woord des Heeren luidbaar geworden niet alleen in Macedónië en Acháje; maar ook in alle plaatsen is uw geloof, dat [gij] op God [hebt], uitgegaan, zodat wij niet van node hebben, iets [daarvan] te spreken.
9) Want zijzelven verkondigen van ons, hoedanigen ingang wij tot u hebben, en hoe gij tot God bekeerd zijt van de afgoden, om den levenden en waarachtigen God te dienen;
10) En Zijn Zoon uit de hemelen te verwachten, Denwelken Hij uit de doden verwekt heeft, [namelijk] Jezus, Die ons verlost van den toekomenden toorn.

Deuteronomium 5:23-25
23) En het geschiedde, als gij die stem uit het midden der duisternis hoordet, en de berg van vuur brandde, zo naderdet gij tot mij, alle hoofden uwer stammen, en uw oudsten,
24) En zeidet: Zie, de HEERE, onze God, heeft ons Zijn heerlijkheid en Zijn grootheid laten zien, en wij hebben Zijn stem gehoord uit het midden des vuurs; dezen dag hebben wij gezien, dat God met den mens spreekt, en dat hij levend blijft.
25) Maar nu, waarom zouden wij sterven? Want dit grote vuur zou ons verteren; indien wij voortvoeren de stem des HEEREN, onzes Gods, langer te horen, zo zouden wij sterven.
No matching player found

Deel deze pagina via

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Agenda

  • 24 12 2017
    samenkomst met Piet van der Lugt 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Psalmen 86:5-5
Want Gij, HEERE! zijt goed, en gaarne vergevende, en van grote goedertierenheid allen, die U aanroepen.