Onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in U
Augustinus

Datum:
Schriftgedeelte:
Hebreeën 11:8-10
Serie:
Spreker:
Hits:
649
Toelichting:
Bestanden:
Geloofsverantwoording - powerpoint
(0 stemmen)
De powerpoint van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 5.63 MB Download 80 Download

Geloofsverantwoording - uitwerking van de studie
(0 stemmen)
De volledige uitwerking van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 446.52 KB Download 91 Download


DEEL 2a – De aannemelijkheid van het christelijk geloof
[DIA 11.0]

2a.1. Rationalisme tegenover geloof 2a.2. Besluit

2a.1. Rationalisme tegenover geloof [DIA 12.0]

  • [DIA 12.1] Iedere denkwijze vraagt uiteindelijk geloof
  • De evolutietheorie pretendeert wetenschappelijk te zijn. Er is echter ook geloof voor nodig. De bijbel is daarentegen eerlijker: het baseert zich volledig op geloof > Lezen: Heb. 11:1-3.
  • Voor alles is uiteindelijk in de basis geloof nodig, ook t.a.v. de Big Bang, dat God niet zou bestaan, dat er geen leven na de dood zou zijn, dat religie slecht is en God niet goed, etc.
  • Wij ontkomen er niet aan dat wij zonder duidelijke, ondubbelzinnige, absolute en zuiver rationele waarheden moeten leven. Wij kunnen niet alles rationeel verklaren.
  • [DIA 12.2] De evolutietheorie kent evengoed onbeantwoorde vragen
  • Onbeantwoorde vragen van de evolutietheorie zijn: 'Hoe kon het leven ontstaan?', 'Waar komt de eerste materie vandaan?', 'Wat veroorzaakte de oerknal?', 'Wat was er voor tijd en ruimte?'. Dat terwijl de evolutietheorie stelt dat het bestaan van het heelal een begin heeft.
  • De evolutietheorie geeft geen antwoorden op morele en ethische vraagstukken. Het leert ons niet waar bijv. rechtvaardigheid, goedheid, liefde, trouw en zelfopoffering vandaan komen. De evolutietheorie kan ook niet bewijzen dat diefstal, moord en verkrachting slecht zijn. Morele en ethische opvattingen moeten wij redelijkerwijs aannemen, omdat zij niet te bewijzen zijn.
  • [DIA 12.3] Consequent de evolutietheorie aanhangen heeft grote gevolgen
  • Er is geen bewijs voor het bestaan van God;
  • Er is geen leven na de dood;
  • Er is geen absolute norm van goed en kwaad;
  • Het leven heeft geen zin dan enkel zichzelf in stand te houden;
  • De mens heeft geen vrije wil.
  • [DIA 12.4] Het christelijk geloof geeft wel antwoorden
  • Het christelijk geloof geeft wel antwoorden op onbeantwoorde vragen van de evolutietheorie.
  • Het christelijk geloof gaat uiteindelijk verder dan 'Dit houd ik voor waar', het is relationeel en van belang voor het bestaan: 'Ik vertrouw deze Persoon'. Lezen: Heb. 11:8-10+13.
  • Het rationalistische denken (alles valt rationeel te verklaren) beschuldigt het religieus geloof van onredelijkheid. Daar tegenover kan het geloof stellen dat het rationalistische denken de mens gevangen houdt tussen de koude muren van verstandelijk dogmatisme.
  • [DIA 13.0] Het christelijk geloof overstijgt het rationalisme
  • Tegenwoordig is men het er over het algemeen over eens dat absoluut rationalisme geen basis biedt voor een betekenisvol leven; het biedt te weinig antwoorden. Dante zei in de 14e eeuw: 'De rede heeft korte vleugels', daar kunnen wij Jes. 55:9 op aan laten sluiten: "Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten.". Het feit dat wij gebrekkig kennen, laat ruimte voor het bestaan van God. Of zoals in 2 Kor. 5:7 staat: "…want wij wandelen door geloof; niet door aanschouwing.", en in 1 Kor. 13:12: "Nu immers kijken wij door middel van een spiegel in een raadsel, maar dan zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik ten dele, maar dan zal ik kennen, zoals ik zelf gekend ben.".
  • In de wetenschap hanteert men veelal geen harde rationele bewijsgrond, maar 'abductie', dat is dat men kijkt binnen welk denkraamwerk een waarneming het beste past. Het gaat uit van de menselijke rede en oordeelsgrond. Zo is de evolutietheorie het raamwerk dat men gecreëerd heeft om bepaalde natuurverschijnselen te verklaren. Abductie geeft juist ook ruimte voor het christelijke geloof. De kosmos zit vol verwijzingen naar God die redelijkerwijs Zijn bestaan aannemelijk maken.
 
2a.2. Besluit [DIA 13.1]
 
  • Alle wetenschap is beperkt en berust uiteindelijk op geloof. De wetenschap is hier niet altijd eerlijk over;
  • De wetenschap kent nog veel onbeantwoorde vragen en zal op bepaalde vragen ook nooit antwoord kunnen geven;
  • Het christelijk geloof presenteert zich eerlijk en niet anders dan geloof;
  • Het christelijk geloof erkent dat de mens in dit leven niet alle antwoorden krijgt;
  • Het christelijk geloof kent een grotere reikwijdte dan de wetenschap, doordat het niet enkel van het zichtbare, maar ook van het onzichtbare uitgaat.
 
DEEL 2b – God in de kosmos herkennen [DIA 14.0]


2b.1. Inleiding
2b.2. Verschillende aanwijzingen in de schepping 2b.3. Besluit

2b.1. Inleiding [DIA 15.0]

  • Lezen: Rom. 1:18-22.
  • [DIA 15.1] Zie ook Efe. 4:17-18 + 5:8 en Filip. 2:15: "Dit zeg ik dan en getuig ervan in de Heere, dat u niet meer wandelt zoals de andere heidenen wandelen, in de zinloosheid van hun denken, verduisterd in het verstand, vervreemd van het leven dat uit God is, door de onwetendheid die in hen is, door de verharding van hun hart (…) Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere; wandel als kinderen van het licht (…) opdat u onberispelijk en oprecht zult zijn, kinderen van God, smetteloos te midden van een verkeerd en ontaard geslacht."
  • [DIA 16.0] Drie zaken zijn belangrijk in onze tijd:
  • 1.      De huidige mensheid kent God niet en hun denken is verduisterd door andere denkwijzen;
  • 2.      Eerst moet men erkennen dat God bestaat, voordat Christus aanvaard kan worden;
  • 3.      Vanuit de kosmos kan men God herkennen, vanuit de bijbel Christus, vanuit ons getuigenis en onze wandel beiden.
  • [DIA 16.1] T.a.v. het laatste is het van belang niet alleen in woord, maar vooral ook in daad van te getuigen: "Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen" (Efe. 2:10).
  • [DIA 16.2] In de Handelingentijd werkte geloofsverantwoording naast woorden met wonderen en tekenen. In de huidige tijd zijn de wonderen en tekenen vervangen door 'goede werken' vanuit genade.2
  • Wij richten ons nu op het herkennen van God in de kosmos.

2b.2. Verschillende aanwijzingen in de schepping [DIA 17.0]


Aanwijzing 1: Het begin van het heelal

  • Christelijke overtuiging: Het heelal heeft niet altijd bestaan, maar God heeft het ooit uit het niets gemaakt. Augustinus: God schiep het heelal in een ogenblik en gaf het vermogen zichzelf daarna te ontwikkelen. Anderen stellen dat God de aarde geheel in zijn huidige vorm schiep;
  • Wetenschap: Voor 60-er jaren stelde men dat het heelal altijd bestaan heeft, daarna kwam het besef dat het heelal een begin heeft (Big Bang). Tegen dit idee was eerst veel weerstand bij wetenschappers, maar is nu algemeen aanvaard;
  [DIA 17.1] Volgens abductie:

1.  Alles wat begint te ontstaan heeft een oorzaak.

2.  Het heelal begon te ontstaan.

3.  Conclusie: Dus heeft het heelal een oorzaak.

Daar deze oorzaak niet in het natuurlijke gevonden kan worden, zoeken wij haar in het bovennatuurlijke en dat is God;


[DIA 17.2] Heb. 11:1: "Door het geloof zien wij in dat de wereld tot stand gebracht is door het Woord van God, en wel zo dat de dingen die men ziet, niet ontstaan zijn uit wat zichtbaar is.".


2 Zie Efe. 2:10, Kol. 1:10, 1 Tim. 2:10, 3:1, 5:10, 5:25, 6:18, 2 Tim. 2:21, 3:17, Tit. 1:16, 2:7, 2:14, 3:1, 3:8, 3:14.


Aanwijzing 2: Fijnregeling bij ontstaan [DIA 18.0]

  • Voor het ontstaan van het heelal moesten bepaalde natuurlijke constanten heel fijn afgesteld zijn. Het gaat om o.a. een zeer fijne afstelling van zwaartekracht, magnetisme, bouwstenen en gassen afzonderlijk van elkaar. Het is onwaarschijnlijk dat dit bij toeval is ontstaan;
  • Atheïstische wetenschappers lossen dit op door te stellen dat er sprake is van een multiversum: het bestaan van heel veel heelallen, waardoor de kans op toeval verminderd wordt. (vb. van 1 dobbelsteen met een miljoen vlakken en 1 miljoen dobbelstenen met 1 miljoen vlakken);
  • Dit is echter een niet bewijsbare theorie. De vraag is: hoe zijn dan al die heelallen ontstaan?;
  • Feit is dat het heelal voor het bestaan zo'n fijne afstelling nodig heeft dat toeval niet mogelijk is;
  • Vb. cel: meest eenvoudige cel heeft complexe eiwitten nodig die bestaan uit reeksen juist gerangschikte aminozuren (omvatten honderden pagina's tekst). Kan dit bij toeval in elkaar gevallen zijn?;
  • Zonder DNA geen voortplanting, zonder voortplanting geen natuurlijke selectie. Hoe is DNA ontstaan?
  • Darwin stelde zelf dat zijn theorie zou bezwijken als levensvormen zeer complex in elkaar zouden zitten en vele opeenvolgende aanpassingen nodig zouden hebben om te evolueren;
  • Lezen: Job. 38:4-7.

Aanwijzing 3: De structuur van de schepping [DIA 18.1]

  • De schepping is geordend opgebouwd en kent natuurwetten. De aanwezigheid van natuurwetten verondersteld ook de aanwezigheid van een Wetgever, in dit geval God;
  • [DIA 18.2] Jes. 45:18: "Want zo zegt de HEERE, Die de hemel geschapen heeft, die God Die de aarde geformeerd en haar gemaakt heeft. Hij heeft haar gegrondvest. Hij heeft haar niet geschapen opdat zij woest zou zijn, maar Hij heeft haar geformeerd opdat men erop zou wonen.";

Aanwijzing 4: De rol van de mens [DIA 18.3]

  • De mens is een rationeel wezen en kan wetten ontdekken, maar ook bedenken. De mens kan ook bewust ingrijpen op de Schepping. Het brein van de mens is meer dan een keten van chemische reacties;
  • Lezen: Ps. 8:4-10 + Gen. 9:1-6.

Aanwijzing 5: Het menselijk geweten [DIA 18.4]

  • De mens weet intrinsiek dat bepaalde gewoonten en gebruiken goed of fout zijn. De mensheid gaat ook uit van aanwezigheid van objectieve morele waarheden. Vanuit natuurwetten is dit niet te verklaren. Dit moet van buitenaf/bovenaf ingelegd zijn. De meeste van bijv. de 10 geboden zijn ook in deze tijd nog actueel;
  • Lezen: Rom. 2:14-15, daar tegenover staat 1:21-22.
Aanwijzing 6: Verlangen naar God en heelheid [DIA 19.0]

  • Een groot deel van de mensheid verlangt naar God, bovennatuurlijk ingrijpen, volkomen liefde of meent voor een betere wereld geschapen te zijn. Wij denken en fantaseren hierover (bijv. films 'Avatar' en 'The Lord of the Rings'). Waar kunnen wij dit verlangen in het atheïstisch wetenschappelijke mensbeeld plaatsen waar de huidige wereld de enige werkelijkheid is?;
  •  Daarbij: de dood is een natuurlijk gegeven, maar wordt door de meesten van ons als ongepast en onwerkelijk ervaren;
  • [DIA 19.1] Ps. 73:25-26: "Wie heb ik behalve U in de hemel? Naast u vind ik nergens vreugde op aarde. Bezwijkt mijn lichaam en mijn hart, dan is God de rots van mijn hart en voor eeuwig mijn deel.".
 
2b.3. Besluit [DIA 19.2]

Al deze aanwijzingen vormen samen een raamwerk dat het aannemelijk maakt te geloven dat God bestaat en bovendien dat de bijbel antwoord geeft ten aanzien van al deze punten. De bijbel geeft:

[DIA 19.3]

1.       Verklaring voor het ontstaan van het heelal;
2.       Verklaring voor de verheven positie van de mens in de schepping;
3.       Verklaring voor de gevallen staat van de mens;
4.       Erkenning en deels antwoord t.a.v. de vragen over lijden en dood;
5.       Zin en richting aan het bestaan;
6.       Een weg tot volkomen liefde en leven.

Loading Player...

Deel deze pagina via

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Agenda

  • 17 12 2017
    samenkomst met Frans Voskamp 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Efeze 5:20-21
Dankende te allen tijd over alle dingen God en den Vader, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus; Elkander onderdanig zijnde in de vreze Gods.