God ziet ons zoals we zijn, houdt van ons zoals we zijn, accepteert ons zoals we zijn.
Maar door zijn genade laat hij ons niet zijn zoals we zijn.
Timothy Keller
  • 29 04
    samenkomst met David van Wijck 10:00 tot 11:30
  • 06 05
    samenkomst met Oby Vossema 10:00 tot 11:30
  • 13 05
    samenkomst met Jan van der Hoek 10:00 tot 11:30
  • 17 05
    Bijbelstudie-avond met Hoite Slagter - thema: Studies uit het Lukas-evangelie 20:00 tot 21:30
  • 29 04 - 17 05
  • 20 05 - 10 06
  • 17 06 - 08 07
  • 15 07 - 05 08
  • 12 08 - 02 09
  • 09 09 - 30 09
  • 07 10 - 07 10

Datum:
Schriftgedeelte:
Psalmen 90:1-91:2
Serie:
Spreker:
Hits:
1892
Toelichting:
1 Een gebed van Mozes, den man Gods. HEERE! Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht. 2 Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God. 3 Gij doet den mens wederkeren tot verbrijzeling, en zegt: Keert weder, gij mensenkinderen! 4 Want duizend jaren zijn in Uw ogen als de dag van gisteren, als hij voorbijgegaan is, en [als] een nachtwaak. 5 Gij overstroomt hen; zij zijn [gelijk] een slaap; in den morgenstond zijn zij gelijk het gras, [dat] verandert; 6 In den morgenstond bloeit het, en het verandert; des avonds wordt het afgesneden, en het verdort. 7 Want wij vergaan door Uw toorn; en door Uw grimmigheid worden wij verschrikt. 8 Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke [zonden] in het licht Uws aanschijns. 9 Want al onze dagen gaan henen door Uw verbolgenheid; wij brengen onze jaren door als een gedachte. 10 Aangaande de dagen onzer jaren, daarin zijn zeventig jaren, of, zo wij zeer sterk zijn, tachtig jaren; en het uitnemendste van die is moeite en verdriet; want het wordt snellijk afgesneden, en wij vliegen daarheen. 11 Wie kent de sterkte Uws toorns, en Uw verbolgenheid, naardat Gij te vrezen zijt? 12 Leer [ons] alzo onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen. 13 Keer weder, HEERE! tot hoe lange? en het berouwe U over Uw knechten. 14 Verzadig ons in den morgenstond met Uw goedertierenheid, zo zullen wij juichen, en verblijd zijn in al onze dagen. 15 Verblijd ons naar de dagen, [in dewelke] Gij ons gedrukt hebt, [naar] de jaren, [in dewelke] wij het kwaad gezien hebben. 16 Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden, en Uw heerlijkheid over hun kinderen. 17 En de liefelijkheid des HEEREN, onzes Gods; zij over ons; en bevestig Gij het werk onzer handen over ons, ja, het werk onzer handen, bevestig dat. 1 Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen. 2 Ik zal tot den HEERE zeggen: Mijn Toevlucht en mijn Burg! mijn God, op Welken ik vertrouw!
Loading Player...

Deel deze pagina via

Volg ons via twitter @egkaleo

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Spreuken 18:22-22
Die een vrouw gevonden heeft, heeft een goede zaak gevonden, en hij heeft welgevallen getrokken van den HEERE.