We moeten mee in de tijdstroom, maar niet met de tijdgeest

Datum:
Schriftgedeelte:
Jeremia 32:6-32:15; Matteüs 13:36-13:43
Serie:
Spreker:
Hits:
1962
Toelichting:
Jeremía 32:6-15
6) Jeremía dan zeide: Des HEEREN woord is tot mij geschied, zeggende:
7) Zie, Hanámeël, de zoon van Sallum, uw oom, zal tot u komen, zeggende: Koop u mijn veld, dat bij Anáthoth is, want gij hebt het recht van lossing, om te kopen.
8) Alzo kwam Hanámeël, mijns ooms zoon, naar des HEEREN woord, tot mij, in het voorhof der bewaring, en zeide tot mij: Koop toch mijn veld, hetwelk is bij Anáthoth, dat in het land van Benjamin is; want gij hebt het erfrecht, en gij hebt de lossing, koop [het] voor u. Toen merkte ik, dat het des HEEREN woord was.
9) Dies kocht ik van Hanámeël, mijns ooms zoon, het veld, dat bij Anáthoth is; en ik woog hem het geld toe, zeventien zilveren sikkelen.
10) En ik onderschreef den brief en verzegelde [dien], en deed [het] getuigen betuigen, als ik het geld op de weegschaal gewogen had.
11) En ik nam den koopbrief, die verzegeld was [naar] het gebod en de inzettingen, en den open [brief];
12) En ik gaf den koopbrief aan Baruch, den zoon van Nerija, den zoon van Machséja, voor de ogen van Hanámeël, mijns ooms [zoon], en voor de ogen der getuigen die den koopbrief hadden onderschreven; voor de ogen van al de Joden, die in het voorhof der bewaring zaten.
13) En ik beval Baruch voor hun ogen, zeggende:
14) Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Neem deze brieven, dezen koopbrief, zo den verzegelden als dezen open brief, en doe ze in een aarden vat, opdat zij vele dagen mogen bestaan.
15) Want zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Er zullen nog huizen, en velden, en wijngaarden in dit land gekocht worden.

Matthéüs 13:36-43
36) Toen nu Jezus de scharen [van Zich] gelaten had, ging Hij naar huis. En Zijn discipelen kwamen tot Hem, zeggende: Verklaar ons de gelijkenis van het onkruid des akkers.
37) En Hij, antwoordende, zeide tot hen: Die het goede zaad zaait, is de Zoon des mensen;
38) En de akker is de wereld; en het goede zaad zijn de kinderen des Koninkrijks; en het onkruid zijn de kinderen des bozen;
39) En de vijand, die hetzelve gezaaid heeft, is de duivel; en de oogst is de voleinding der wereld; en de maaiers zijn de engelen.
40) Gelijkerwijs dan het onkruid vergaderd, en met vuur verbrand wordt, alzo zal het [ook] zijn in de voleinding dezer wereld.
41) De Zoon des mensen zal Zijn engelen uitzenden, en zij zullen uit Zijn Koninkrijk vergaderen al de ergernissen, en degenen, die de ongerechtigheid doen;
42) En zullen dezelve in den vurigen oven werpen; daar zal wening zijn en knersing der tanden.
43) Dan zullen de rechtvaardigen blinken, gelijk de zon, in het Koninkrijk huns Vaders. Die oren heeft om te horen, die hore.
Loading Player...

Deel deze pagina via

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Agenda

  • 17 12 2017
    samenkomst met Frans Voskamp 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Psalmen 103:2-2
Loof den HEERE, mijn ziel, en vergeet geen van Zijn weldaden;