Onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in U
Augustinus

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 
De Staten Vertaling is op weinig na getrouw in de vertaling van "metanoeoo" (bekeren) en "metanoia" (bekering). De overzetting van het woord op zichzelf vinden wij minder goed. Alleen in Handelingen 3:19 is een zwakheid. Er staat "betert u" voor "metanoeesate" terwijl "epistrefate" (dat wij verder nagaan en "keert u om" wil zeggen) door "bekeert u" vertaald is. Men leze dus: "Bekeert u dan en keert u om".
De algemene betekenis van " bekeren" blijkt onder meer uit Lukas 17:3, 4. Het is een ernstige wijziging ten goede, in onze stemming en deze gaat van zelve gepaard met berouw. 't Is een tot zichzelf inkeren, tot andere gedachten komen. Wij willen nu eerst nagaan van wiens bekering gesproken wordt.

Israel Volken Allen Gelovigen
Handelingen 5:31
Handelingen 13:24 Handelingen 2:38
Handelingen 3:19
Lukas 24:47 Handelingen 11:18 Handelingen 20:21
Romeinen 2:4
Hebreeen 6:1
2 Petrus 3:9
Handelingen 17:30 Handelingen 26:20
2 Korinthe 7:9, 10
2 Timotheus 2:25
Hebreeen 6:6
2 Korinthe 12:21

Wij spreken hier niet van de "bekering" der gelovigen, hoe belangrijk die ook is. Men heeft soms gezegd dat bekering alleen Israel kan betreffen, omdat alleen dit volk in verbondsbetrekking stond met God en zich, nadat het zich van Hem afwendde, kon bekeren. Men ziet echter dat een bekering van dezelfde aard als die van Israel ook gevraagd wordt van anderen buiten Israel. Laat ons dan verder onderzoeken waarmee "bekering" in verband staat.

1 ZONDEN
  • Mattheus 9:13 "Ik ben niet gekomen om te roepen rechtvaardigen, maar zondaars tot bekering"
  • Markus 1:4 "Predikende den doop der bekering tot vergeving der zonden"
  • Handelingen 5:31 "Om Israel te geven bekering en vergeving der zonden"
  • Lukas 24:47 "In Zijnen naam gepredikt worden bekering en vergeving der zonden onder alle volken"
  • Handelingen 2:38 "Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden"
  • Handelingen 3:19 "Bekeert u dan en keert u om, opdat uwe zonden mogen uitgewist worden"

2 OORDEEL
  • Mattheus 3:7, 8 "Wie heeft u aangewezen te vlieden van den toekomenden toorn? Brengt dan vruchten voort, der bekering waardig"
  • Lukas 13:3, 5 "Indien gij u niet bekeert, zo zult gij allen desgelijks vergaan"
  • Handelingen 17:30, 31 "God ... verkondigt nu allen mensen alom, dat zij zich bekeren; ... zal oordelen".

3 HET KONINKRIJK
  • Mattheus 3:2 "Bekeert u; want het koninkrijk der hemelen is nabij gekomen"
  • Markus 1:15 "De tijd is vervuld, en het Koninkrijk Gods nabij gekomen; bekeert u, en gelooft het Evangelie", zie ook Handelingen 3:19-21.

4 DOOP DER BEKERING
  • Mattheus 3:11 "Ik doop u wel met water tot bekering"
  • Markus 1:4 "Predikende den doop der bekering"
  • Handelingen 13:24 "Gepredikt had den doop der bekering"
  • Handelingen 2:38 "Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt ..."

5 TEKENEN
    • Mattheus 11:20,21 "Krachten meest geschied ... niet bekeerd. Krachten geschied ... bekeerd hebben"
    • Markus 6:12, 13 "Dat zij zich zouden bekeren; en zij wierpen vele duivelen uit, en zalfden vele kranken met olie, en maakten hen gezond".

      Uit de Hebreeuwse Schriften vermelden wij maar één geval.


  • Mattheus 12:41 "Zij (de mannen van Ninevé) hebben zich bekeerd op de prediking van Jonas"
  • Jona 3:5, 8, 10 "De lieden van Ninevé geloofden aan God". "Zij zullen zich bekeren, een iegelijk van zijnen bozen weg". "God zag hunne werken, dat zij zich bekeerden van hunnen bozen weg"

Ook hier was het met het oog op de zonde en een oordeel. Wij menen te kunnen besluiten dat bekering van ieder mens gevraagd wordt, omdat hij van nature zondaar is en dus in het oordeel zou moeten komen. Dit geldt alle mensen in alle bedelingen. In de Griekse Schriften wordt in het bijzonder de "toekomende toorn" en het koninkrijk nabij gezien. In betrekking daarmee had men waterdoop en tekenen. In onze bedeling is het koninkrijk niet nabij, maar dit belet niet dat toch iedere "natuurlijke" mens zich tot God moet bekeren. Nu zegt men soms, dat de voornaamste eis in onze bedeling is: "geloof" en de bekering eigenlijk deel uitmaakt van het geloof, of erop volgt. Laat ons dit punt dus nog nader onderzoeken.
Eerst moeten wij bepalen over welk "geloof" men spreekt. Men meent dan in het bijzonder geloof in Christus. Uit de aangehaalde teksten van Jona zien wij dat de bekering van de mannen van Ninevé bestond in het zich afwenden van hun boze weg en hun geloof aan God. Moet iets dergelijks nu ook niet geschieden, vóór men in Christus gelooft? Wij menen van wel, ten minste als regel. Dat de bekering tot God en het geloof in Christus onderscheiden zijn, zegt ons Handelingen 20:21 "bekering tot God EN het geloof in onze Heere Jezus Christus".
Wij hopen dit echter verder te onderzoeken als wij het "omkeren" zullen behandelen. (Zie ook: "De Weg der Behoudenis"). Wij eindigen, met de aandacht erop te vestigen dat "berouw" in Mattheus 27:3 iets geheel anders is dan "bekering".

Deel deze pagina via

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Agenda

  • 17 12 2017
    samenkomst met Frans Voskamp 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Efeze 5:20-21
Dankende te allen tijd over alle dingen God en den Vader, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus; Elkander onderdanig zijnde in de vreze Gods.