Geen tijd voor bezinning krijgen is geen tijd hebben om te zien waar we heen gaan omdat iedereen te druk is om er te komen
Kaleo presenteert Iniminies. Wat is dat zul je denken. We posten met enige regelmaat korte (prikkelende) gedachtes over diverse (Bijbelse) onderwerpen, de pennevruchten van Ineke van Lieshout. Lees mee en geniet.

Datum:
Schriftgedeelte:
Richteren 3:12-3:20
Serie:
Spreker:
Hits:
2014
Toelichting:
12 Maar de kinderen Israëls voeren voort te doen, dat kwaad was in de ogen des HEEREN; toen sterkte de HEERE Eglon, den koning der Moabieten, tegen Israël, omdat zij deden, wat kwaad was in de ogen des HEEREN. 13 En hij vergaderde tot zich de kinderen Ammons en de Amalekieten en hij toog heen, en sloeg Israël, en zij namen de Palmstad in bezit. 14 En de kinderen Israëls dienden Eglon, koning der Moabieten, achttien jaren. 15 Toen riepen de kinderen Israëls tot den HEERE, en de HEERE verwekte hun een verlosser, Ehud, den zoon van Gera, een zoon van Jemini, een man, die links was. En de kinderen Israëls zonden door zijn hand een geschenk aan Eglon, den koning der Moabieten. 16 En Ehud maakte zich een zwaard, dat twee scherpten had, welks lengte een el was; en hij gordde dat onder zijn klederen, aan zijn rechterheup. 17 En hij bracht aan Eglon, den koning der Moabieten, dat geschenk; Eglon nu was een zeer vet man. 18 En het geschiedde, als hij geëindigd had het geschenk te leveren, zo geleidde hij het volk, die het geschenk gedragen hadden; 19 Maar hij zelf keerde wederom van de gesneden beelden, die bij Gilgal waren, en zeide: Ik heb een heimelijke zaak aan u, o koning! dewelke zeide: Zwijg! En allen, die om hem stonden, gingen van hem uit. 20 En Ehud kwam tot hem in, daar hij was zittende in een koele opperzaal, die hij voor zich alleen had; zo zeide Ehud: Ik heb een woord Gods aan u. Toen stond hij op van den stoel. 21 Ehud dan reikte zijn linkerhand uit, en nam het zwaard van zijn rechterheup, en stak het in zijn buik; 22 Dat ook het hecht achter het lemmer inging, en het vet om het lemmer toesloot (want hij trok het zwaard niet uit zijn buik), en de drek uitging. 23 Toen ging Ehud uit van de voorzaal, en sloot de deuren der opperzaal voor zich toe, en deed [ze] in het slot. 24 Als hij uitgegaan was, zo kwamen zijn knechten, en zagen toe, en ziet, de deuren der opperzaal waren in het slot gedaan; zo zeiden zij: Zeker, hij bedekt zijn voeten in de verkoelkamer. 25 Als zij nu tot schamens toe gebeid hadden, ziet, zo opende hij de deuren der opperzaal niet. Toen namen zij den sleutel en deden open; en ziet, hunlieder heer lag ter aarde dood. 26 En Ehud ontkwam, terwijl zij vertoefden; want hij ging voorbij de gesneden beelden, en ontkwam naar Sehírath. 27 En het geschiedde, als hij aankwam, zo blies hij met de bazuin op het gebergte van Efraïm; en de kinderen Israëls togen met hem af van het gebergte, en hij zelf voor hun aangezicht heen. 28 En hij zeide tot hen: Volgt mij na; want de HEERE heeft uw vijanden, de Moabieten, in ulieder hand gegeven. En zij togen af, hem na, en namen de veren van de Jordaan in naar Moab, en lieten niemand overgaan. 29 En zij sloegen de Moabieten te dier tijd, omtrent tien duizend man, allen vette en allen strijdbare mannen, dat er niet één man ontkwam. 30 Alzo werd Moab te dien dage onder Israëls hand te ondergebracht; en het land was stil tachtig jaren.
Loading Player...

Agenda

  • 24 06
    samenkomst met Peter Slagter 10:00 tot 11:30
  • 01 07
    samenkomst met Jan van der Hoek 10:00 tot 11:30
  • 24 06 - 01 07
  • 08 07 - 15 07
  • 22 07 - 29 07
  • 05 08 - 12 08
  • 19 08 - 26 08
  • 02 09 - 06 09
  • 09 09 - 09 09
  • 16 09 - 23 09
  • 30 09 - 04 10
  • 07 10 - 13 10
  • 14 10 - 21 10
  • 28 10 - 01 11
  • 04 11 - 04 11

Deel deze pagina via

Volg ons via

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Johannes 14:9-9
Jezus zeide tot hem: Ben Ik zo langen tijd met ulieden, en hebt gij Mij niet gekend, Filippus? Die Mij gezien heeft, die heeft den Vader gezien; en hoe zegt gij: Toon ons den Vader?